|
De Fair Wear Foundation (FWF) is opgericht in Nederland, o.a. op initiatief van de Nederlandse Schone Kleren Kampagne. Het is een multistakeholderinitiatief dat nauw aansluit bij de opvattingen van de internationale Clean Clothes Campaign. De samenstelling van het bestuur, de gehanteerde normen, de onafhankelijke controle en het klachtensysteem, waarbij lokale ‘stakeholders’ (vakbonden en NGO’s) nauw betrokken worden, stroken met de opvattingen van de Schone Kleren Campagne. Van een Nederlands initiatief evolueert de FWF langzamerhand tot een initiatief met een Europese dimensie. Er zijn intussen bedrijven uit Nederland, Zweden, Denemarken, Zwitserland, het Verenigd Koninkrijk bij aangesloten. In België nemen Sparkling Ideas en ACP, beide verkopers van promotionele kleding, deel aan FWF. De Schone Kleren Campagne wenst dat meer Belgische bedrijven deelnemer worden van FWF. FLA is in november 1998 voortgegroeid uit het Apparel Industry Partnership (AIP), een initiatief van het Amerikaanse Witte Huis van augustus 1996 om de kwestie van arbeidsrechten in de kledingindustrie in de VSA en elders, aan te pakken. De bedoeling van FLA is de arbeidsomstandigheden te verbeterenin de kleding- en sportschoenenindustrie en andere sectoren waar Amerikaanse universiteiten licentiecontracten mee sluiten. Bij de stichting van FLA trokken verschillende vakbonden en NGO’s die eerder bij AIP betrokken waren, zich terug omdat de sociale normen en controlecriteria volgens hen te zwak waren. Tegenwoordig groepeert FLA NGO’s, universiteiten en 15 bedrijven (O.a. adidas, Asics, Nike, Reebok, Puma, H&M). De auditbureaus worden erkend per land of regio, voor de controle van de volledige of gedeeltelijke inhoud van de code, en voor een periode van twee jaar. Social Accountability International (SA 8000) In 1997 ontwikkelde CEP (Council on Economic Priorities) de SA8000 die omschreven wordt als een eenvoudige, globale standaard voor de controle en certificatie van de verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven. Qua methode haalt SA8000 inspiratie uit de ISO-wereld, namelijk ISO9000 inzake kwaliteitsmanagement en ISO14000 inzake milieumanagement. Qua arbeidsnormen baseert SA8000 zich op IAO- en VN-conventies en de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. In 1997 werd CEPAA (Council on Economic Priorities Accreditation Agency) opgericht dat in de loop van 2000 tot SAI (Social Accountability International) omgedoopt werd. Ondertussen erkende SAI 13 auditbureaus. SA8000 richt zich vooral tot fabrieken en leveranciers ofschoon ook distributeurs zich kunnen laten certificeren. SA8000 heeft meer dan 1000 fabrieken productie-eenheden gecertificeerd in meer dan 55 landen. In januari ’98 ging ETI van start. De formele oprichting gebeurde in oktober van datzelfde jaar, gesteund door de Britse overheid. Bedrijven uit verschillende industrietakken, vakbonden en 15 NGO’s zijn bij het initiatief betrokken met de bedoeling om de levensvoorwaarden van arme werknemers in de wereld te verbeteren. Bijna 40 bedrijven zijn lid, o.a. Levi's, Inditex. ETI is actief op verschillende terreinen: het ontwikkelen van de ETI Base Code, pilootprojecten om controlemodellen uit te testen en te vergelijken, educatieprogramma’s voor werknemers, onderzoek en adviesverlening. WRC is in april 2000 opgericht in New York door United Students Against Sweatshops (USAS). De bedoeling is om arbeidsomstandigheden te verbeteren in de sportschoenen- en sportkledingbedrijven die, onder licentiecontract, leveren aan universiteiten in de VSA. De voorbije jaren hebben universiteiten gedragscodes ontwikkeld voor deze leveranciers. WRC controleert of deze codes nageleefd worden en spoort universiteiten aan om de naleving van gedragscodes af te dwingen via die licentiecontracten. De 5 MSI’s werken al enige tijd samen. Door de talrijke gedragscodes en de respectieve controles ontstaat er bij de kledingleveranciers verwarring over de normen en ‘inspectiemoeheid’: ze moeten verschillende gedragscodes hanteren en een groot aantal verschillende controles ondergaan. Eind 2004 is een gezamenlijk pilootproject van de 5 multi-stakeholderinitiatieven (MSI’s) en de Clean Clothes Campaign op het getouw gezet in Turkije. Met dit JO-IN project (Joint Initiative on Corporate Accountability and Workers Rights), waaraan ook 8 (sport-)kledingmerken (adidas, Gap, Gsus, Marks&Spencer, Nike, Otto Versand, Patagonia, Puma) deelnamen, wou men op het werkveld uitzoeken hoe intensere samenwerking krachtenverspilling kan vermijden. Er werd samen gezocht naar de beste praktijken op het gebied van gedragscodenaleving, voornamelijk wat vakbondsvrijheid, leefbaar loon en werkuren betreft. Resultaat van het project waren o.m. een ontwerp van een gemeenschappelijke gedragscode, aanduiding van gebieden waar mogelijk samengewerkt kan worden, heel wat documentatie over goede praktijken voor controle en evaluatie en over de aankooppraktijken van kledingmerken. Er is ook een hele discussie op gang gebracht over de noodzaak van echte vakbondsvrijheid in de lokale kledingsector. Verschillen en overeenkomsten De MSI’s gelijken op elkaar, maar er blijven verschillen. Hieronder sommen we kort de voornaamste op:
De meeste multistakeholderinitiatieven bestaan nu 10 jaar of langer. De eerste impactstudies verschijnen. Daarin wordt de vraag gesteld in welke mate ze een echt verschil op het terrein maken. |