De Belgische bedrijfs- en werkkledingmarkt
De sector van de Belgische arbeidskledingproducenten is niet heel overzichtelijk. De meeste bedrijven zijn relatief kleine, niet-beursgenoteerde familiebedrijven. Die zijn niet verplicht gedetailleerde informatie te verstrekken over het aandeel van in eigen beheer geproduceerde of uitbestede arbeidskleding. Bij Creamoda, de Belgische Kleding- en Textielfederatie, zijn circa 35 fabrikanten van gewone werkkleding aangesloten. Vijftien leden produceren gespecialiseerde werkkleding. Voor veel producenten en handelaars is werkkleding trouwens slechts een onderdeel van hun activiteiten. Ze produceren en verkopen soms ook gewone kleding, promotionele kleding of geschenkartikelen. Veel bedrijven spitsen zich toe op bedrijfskleding in één bepaalde sector (horeca, medische sector, zware industrie). De producenten van gespecialiseerde beschermende werkkleding zijn veelal verticaal geïntegreerd: ze produceren ook de speciale garens en stoffen. Veel bedrijven zijn naast producent ook invoerder of groothandelaar van andere merken. De grotere bedrijven uit de sector hebben de productie al meer dan tien jaar geleden grotendeels gedelokaliseerd naar lagelonenlanden zoals Tunesië, Roemenië, Macedonië, Bangladesh, Indonesië en China. Waarschijnlijk zal die tendens door de afschaffing van de quota’s voor landen-leden van de WHO en de sterke concurrentie nog toenemen.
Goede prestaties
Tussen 1995 en 2001 is het aantal in België geproduceerde arbeidskleren met iets meer dan 40% gedaald. Dat betekent dat meer is ingevoerd of in onderaanneming is uitbesteed. In waarde was de vermindering veel minder uitgesproken: ca. 10%. Vooral het goedkopere gamma is dus gedelokaliseerd. Zowel de invoer als de uitvoer van werkkleding is sinds 1990 met zowat 60% gestegen. De Belgische fabrikanten van arbeidskleding presteren relatief beter dan de andere kledingbedrijven. Voor dezelfde periode is de totale kledingproductie in België gedaald met 75%.
Sociaal verantwoorde kledingproductie?
Desgevraagd zijn meerdere bedrijven bereid een verklaring op eer te ondertekenen dat bij de kledingproductie één of meerdere basisconventies van de IAO worden nageleefd. Het gaat o.a. om:
- Alsico-Ronse
- B. Avet & Kinders – Anzegem-Inooigem
- BFH Protection – Wondelgem
- UDC – Brussel
- Bouwen – Turnhout
- Contract Textile/UCO-Deinze
- Dieusaert - Rotselaar
- DML nv Wingepark - Rotselaar
- Dumoulin-Zonnebeke
- Dutra – Overijse
- E&S Design-Hoogstraten
- Initial Textile Services-Zele
- Sara Lee-Aken
- Sarens-Sint Niklaas
- Stabyl/CWS-Heusden
- Van Heurck - Deurne
- Van Moer-Hulshout
Enkel verklaring mbt kinderarbeid:
- Sioen-Ardooie
- Sol’s-Parijs
In Nederland zijn verschillende producenten van en handelaars in werkkleding ‘deelnemer’ van de Fair Wear Foundation, een multistakeholderinitiatief dat o.a. door middel van een gedragscode en onafhankelijke controle de sociaal verantwoorde productie van kleding wil garanderen (www.fairwear.nl). Door hun deelnemerschap aan de FWF onderstrepen deze bedrijven dat ze de gedragscode willen naleven en zich onderwerpen aan externe onafhan-kelijke controle.
Producten
De sector van de bedrijfs- en werkkleding omvat een hele waaier kledingproducten.
1. Een eerste gamma betreft gewone werkkleding. De gebruikte stoffen zijn ongeveer de-zelfde als die voor alledaagse kleding: het gaat om werkhemden, overalls, gewone werkbroeken en –vesten, damesschorten, stofjassen, ziekenhuiskleding, kleding voor de ho-reca, kappers,… De modellen moeten vooral functioneel zijn; de modelijn is niet zo belangrijk. Een vereiste is wel dat die kleding relatief slijtvast is.
2. In een tweede gamma worden stoffen gebruikt met welbepaalde technische kwaliteiten: zuur- en hittebestendige kleding, brandwerende, isothermische, kogel- en scherfvrije kleding, regenbestendige kleding, signalisatiekleding, beschermende kleding tegen nucleai-re, biologische of chemische invloeden (NBC).
3. Een derde gamma beroepskleding heeft een meer representatief karakter: ze moet duurzaam zijn en ook kwaliteit uitstralen door de aangewende stoffen, kleuren en de modieu-ze lijn. Het betreft hier uniformen voor dienstenbedrijven (hostesen, toeristische bedrij-ven), administraties, grote bedrijven, openbare instellingen, zoals politie, brandweer, uniformhemden, enz…
4. Daarnaast zijn er nog de accessoires zoals petten, kepi’s, handschoenen en andere per-soonlijke beschermingsmiddelen (PBMs).
De Belgische markt
Het totaal aantal bedrijven dat in de sector actief is – zowel producenten, invoerders, groot- als kleinhandelaars – is voor een klein land als België relatief groot. Meer dan 95% van de bedrijven zijn echter KMO’s met minder dan 50 personeelsleden;
Verreweg het grootste aantal ondernemingen is actief in de kleinhandel. Een zoekopdracht in de on-line Gouden Gids onder het trefwoord “bedrijfskleding – confectie en verkoop” levert ca. 500 ondernemingen op. Bij Creamoda, de Belgische Kleding- en Confectiefederatie zijn een 35-tal Belgische fabrikanten van gewone werkkleding aangesloten. De lijst van Creamo-daleden die gespecialiseerde beroepskleding fabriceren is beperkt tot een vijftiental.
Heel veel bedrijven combineren een aantal activiteiten, zoals productie voor eigen rekening, loonconfectie voor derden, invoerder en/of groothandel. Voor een aantal bedrijven is be-roeps- en werkkleding slechts een onderdeel van hun activiteiten. Naast werkkleding verkopen ze ook promotionele kleding, werktuigen of geschenkartikelen. Producenten zijn vaak ook actief op de markt van gewone kleding – meestal hemden en blouses, uniforms en kostuums, maar ook vrijetijds- en sportkleding of casual wear. Veel kleinere producenten of verkopers richten zich tot slechts één of een paar industrietakken (bijv. horeca, de medische sector, liturgische gewaden). De producenten van de meer gespecialiseerde beschermende kleding, zijn veelal verticaal gestructureerd: ze produceren zelf de garens, of weven de stof-fen en produceren de kleding in eigen beheer (Sioen, Seyntex)
Volgens statistieken van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven is het aantal in België ge-produceerde werkkleren tussen 1995 en 2001 gedaald van bijna 6 miljoen stuks tot 3,5 mil-joen stuks. In waarde was de vermindering veel minder sterk: van € 46,3 miljoen tot € 42,3 miljoen, wat erop wijst dat vooral het goedkoper segment uitbesteed is in lagelonenlanden. Als we kijken naar in- en uitvoer van werkkleding in waarde, dan merken we dat sinds 1990 de invoer is gestegen met 60%, maar ook de uitvoer is met eenzelfde factor gestegen. In het dezelfde periode is de totale kledingproductie in België echter gedaald tot met 75%. De Bel-gische fabrikanten van werkkleding presteren dus veel beter dan hun collega’s die gewone kleding produceren.
Kenmerkend voor de sector van de beroepskleding is dat hij veel minder dan de sport-, vrije-tijds- en reclamekleding gedomineerd wordt door grote multinationals. De aanpassing van de producenten aan de lokale industrietakken, de nabijheid, persoonlijke service en kwaliteitsei-sen hebben dat blijkbaar tot nu toe kunnen verhinderen. Opmerkelijk is wel het succes van de Scandinavische producenten van werkkleding.
Europees perspectief
Volgens Frost & Sullivan zal de Europese markt van bedrijfs- en werkkleding groeien van ca. 3,6 miljard dollar (306 miljoen stuks) in 2001 tot 4,27 miljard dollar (341,6 miljoen stuks) in 2008, een toename van ca. 2,5% per jaar.
De alsmaar toenemende import van vooral goedkope werkkleding vormt een ernstige uitda-ging. De grotere producenten hebben hierop al sinds het einde van de jaren ’80 op gereageerd door hun eigen productie grotendeels te delokaliseren naar het Oosten, Zuiden of het Verre Oosten. De gedeeltelijke afschaffing van de quota’s de laatste jaren en de totale af-schaffing in januari 2005 heeft en zal de concurrentie nog aanscherpen. In 2002 leverde China bijv. al 85% van de werkanoraks in het VK. Die concurrentie zal zich waarschijnlijk vertalen in een schaalvergroting (versnelde consolidatie van de producenten door stopzetting van de activiteit en overnames), het aanbieden van meer innovatieve producten, een groter accent op een merkenstrategie, verbeterde service aan de klanten en nog meer delokalisatie om de prijs te drukken. Andere overwegingen dan de prijs kunnen dat enigszins temperen: in bepaalde gamma’s van representatieve bedrijfskleding zijn snelle levering en personalisering zeer belangrijk. Zo zijn de leveringstijden en transportkosten van in het Verre Oosten gepro-duceerde kleding factoren die delokalisering daar naartoe kunnen r
remmen.
Belgische fabrikanten
De top 4:
Merken: Alsiclean, Alsico, Alsifire, Alsifood, Alsifor, Alsimed, Alsipro, Alsistar, Alsistyle, Alsi-tech, Nordika.
Merken: Baleno voor vrijetijdskleding, Mullion voor duiken, Sip Protection voor bosbouw,...
Merken: Aircoat-flex, Aircoat-tech, John Field,…
een dochteronderneming van Williamson-Dickie Mfg.
En verder:
- De Ruyck Paul – Oudenaarde
Merken: SARCO, SCINTILLA
Merken: HAVEP, HAVEP-2000
- Impexacom – Thy-Le-Château
- Comasec Benelux – Zaventem
Merken: Comasec, Comasec Yate,…
- Chanterie-Schaubroeck – Deinze
Merken: Chanterie Workwear
- Vandoren Beroepskleding – Bilzen
- Michielsens-Sterckx – Lier
- Lefevre R. – Velaine-sur-Sambre
- Avet & Kinderen - Ingooigem
Buitenlandse merken op de Belgische markt
BOCO-TRS – Wijnegem behoort tot de Haniel Textile Services Groep (HTS), Duitsland.. In België ook verdeeld door Stabyl-CWS. Adolphe Lafont, Fristads, Kansas, Wenaas, KLM Kleding, Hejco, Lonneker en A-Code zijn merken van dochterondernemingen van de Deense Kwintet A/S holding, zelf eigendom van de Deense privé-investeerder Axcel Industri Investor. Kwintet zou de grootste aanbieder van bedrijfskleding in Europa zijn (Omzet 2003: € 385 miljoen). In Nederland is Kwintet KLM Kleding lid van de Fair Wear Foundation met de merken KLM Kleding en Lonneker.
Snickers Workwear: Zweedse producent (Stockholm) van werkkleding. Eigendom van de Snickers Group.
Pro Job, Jobman, James Harvest, Clique, New Wave, Printer Activewear, Texas Bull zijn merken van de Zweedse New Wave Group.
Bucofa, BCF-Workwear, zijn merken van het Nederlandse bedrijf Bucofa te Budel. Bucofa is deelnemend bedrijf aan de Nederlandse Fair Wear Foundation.
Simon Jersey: is oorspronkelijk een merk van de Engelse fabrikant Simon Jersey uit Accring-ton. Is in 2002 opgekocht door Mercatura Holdings, dochteronderneming van de Duitse distributiegigant Karstadt Quelle. Naast Simon Jersey heeft Mercatura ook het merk Bragard en Clinic+Job-dress in de portefeuille.
Molinel: werkkledingmerk van Guston Molinel Workwear, een onderneming met vestigingen in Frankrijk (Comines), Zweden en Vietnam.
North, Tyvek: merken van The Norton Co, een internationale groep
Mascot is een merk van Mascot International A/S uit Denemarken.
Tranemo, een merk van Tranemo Textil AB, Zweden.
Helly Hansen, een Noors merk van waterdichte buitenkleding voor arbeid en sport. Werd overgenomen door de in Bahrein gevestigde investeringsmaatschappij Investcorp.
Promotionele kleding
Verder worden nog een aantal merken van promotionele kleding verkocht in het circuit voor werkkleding: B&C, US Basic, Slazenger, Hanes, Sol’s, Outer Banks, Switcher, Stedman, Jingham, Printer Activewear, enz...
|
|
|